Bloggers


John Willems

Onze ‘Panvisser’ John Willems verzorgt de vaste visreceptenrubriek in Zeehengelsport magazine.

Cor Juffermans

Cor Juffermans is als specialist op het gebied van onderlijnsystemen vast auteur van Zeehengelsport magazine.

Hank Perrée

Hank Perrée is schipper op een eigen charterboot en schrijft maandelijks een blog over zijn avonturen aan boord.

Michel van Spankeren

Gepassioneerd zee- en roofvisser. Studeerde MSc Aquaculture and Marine Resource Management en MSc Animal Sciences aan de Wageningen Universiteit.

Sjors Waterschoot

Gepassioneerd sportvisser op zowel zoet als zout en als soortenjager altijd op zoek naar een nieuwe vissoort op zijn voortdurend groeiende lijst.

Blog overzicht

Wie is het nog niet overkomen? Je staat in de hengelsportzaak naar wat spullen te kijken en loopt daar een volkomen vreemde tegen het lijf. Hij of zij kijkt naar dezelfde spullen, je ziet twijfel en enthousiast als je bent, geef je wat advies en je raakt aan de praat. Zo ging het mij ook toen ik een gigantische outdoor-sportzaak genaamd Anaconda vlak bij mijn stageadres in Tasmanië (Australië) binnenliep.



Eerder dit jaar was ik samen met Chris Doornaert en Pascal Rommelaere een dag naar Friesland afgereisd om daar te proberen een puitaal (Zoarces viviparus) te vangen. Dat bijzondere inheemse visje ontbrak bij ons alle drie nog op de lijst. Die dag in januari wist uiteindelijk alleen Chris er eentje te vangen. Vrij kort na onze dus slechts gedeeltelijk geslaagde missie had ik weer contact met Ronnie van Beem, de in Friesland wonende soortenjager die ons had getipt voor wat betreft de stek.



Laat ons met het heetste hangijzer beginnen. Ik heb een ochtendhumeur. Niet zo maar een ochtendhumeur, maar een echt megasuperverschrikkelijk ochtendhumeur. Dat is op zich niet erg. Als ik mijn eigen ding kan doen, komt dat in orde. Odette kan daar prima mee omgaan en weet de klippen waarop het ochtendschip de grond kan raken ondertussen moeiteloos te ontwijken. Met een dikke kus en steevast de woorden : “Wat er ook gebeurt, vriendelijk blijven…” gaat dit ongeleide ochtendprojectiel op het gemakkie de 20 minuutjes naar de haven rijden. Op mijn dooie akkertje de kratjes in de boot laden, luikjes open, stroom aan, motoren warmdraaien en ondertussen de rest inladen voor de matrozen van die dag.



Eenmaal alles geregeld voor mijn lange reis naar de andere kant van de aardkloot, bleek vliegen één ding, maar van het vliegveld naar de accommodatie geraken, dát bleek eigenlijk nog stuk lastiger. Ik zou namelijk aankomen op 25 april en dat is een nationale Australische (en Nieuw Zeelandse) feestdag genaamd ‘ANZAC day’ (Australian and New Zealand Army Corp day). ANZAC day is wellicht enigszins vergelijkbaar met onze 4 en 5 mei en het mag dan ook voor zich spreken dat niemand van werk beschikbaar was om mij van het vliegveld op te pikken. Er zat dus niets anders op dan zelf iets te regelen…


22 april 2017 - in mijn agenda staat met dik rood ‘wrakvissen met de Wahoo’ en  als locatie had ik er nog bij gezet: ‘ergens op de Noordzee’. De dagen voordien explodeerde Facebook zodra schipper Nico Marinus van de Sport Fishing Company weer een update plaatste van de vangsten van de dag. Dikke mooie gullen, die je echt gewoon, zoals het hoort, kabeljauw mag noemen. Het betrof werkelijk bijzonder fraaie exemplaren; knettergezond, mooi van lengte en echt super om te zien, dat het (soms) nog echt mogelijk is ergens een mooie kabeljauw te vangen. Dat zou ik dus gaan meemaken!



Ergens in de afgelopen 25 jaar was de droom ontstaan om ooit eens naar Australië te gaan. Als student zit ik niet vast aan werk of een gezin en dat zijn op zich prima randvoorwaarden voor een uitstapje naar de andere kant van de wereld. Bovendien was ik voor de afronding van mijn studies op zoek naar een stageadres.



In de getijdentabel was me opgevallen dat op 9 april het water wel héél laag zou staan. Dit is ideaal om aan de kust tussen de stenen te peuteren, omdat je dan de diepere spleten met het blote oog kunt zien. Dat zijn de verstopplekken van normaliter wat verstopt levende vissoorten als zeedonderpadden en slijmvissen, maar er kunnen altijd verrassingen uit zo'n spleet tevoorschijn komen.


Door het juiste moment uit te zoeken, zijn visdagen vaker succesvol. Het thuisfront weet dat ik op die momenten heel onrustig ben. Er moet gevist worden en dat snappen ze.


Op 28 maart sprak ik soortenjager Marcel de Vries over de plannen voor het weekend. Hij wilde die zondag met vismaat Jos Verruit achter de brakwatergrondel (Pomatochistus microps) aan gaan in het Zeeuwse Bruinisse. Deze grondeltjes heb ik daar een paar jaar geleden volop gevangen. Om de kansen op succes van  Jos en Marcel te vergroten, heb ik hen precies verteld hoe, waar en wanneer ik daar viste. Ik kreeg het aanbod om mee te gaan, maar dat heb ik uiteindelijk niet gedaan, omdat ik reizend met het OV pas zo’n 3 ½ uur later aan het viswater zou zijn dan zij, als alles al goed ging…



Vroeguh gingen óveral op het platteland de koeien in het voorjaar naar buiten en wie dat ooit heeft mogen zien, weet dat ‘die gekke beesten' -en dat is niet negatief bedoeld- helemaal door het lint gingen.



Als bovenstaande kreet in de Zeehengelsport te vinden is, komt dat meestal als voorbode van de tijd dat wintervis gaat en zomervis komt. Want hoe leuk de visserij in de koude maanden ook kan zijn, je staat aan dek nu eenmaal lekkerder in korte broek en T-shirt, dan als Michelinmannetje in al dan niet gecertificeerd drijfpak. En daarbij is er dan ook nog eens sprake van een zeer gevarieerde visserij en kun je van alles en nog wat vangen. Schar, bot, tong, wijting, een baarsje, geep, makreel, gevlekte gladde haai en met wat geluk op de wrakjes wat zomergul, een pollakje en steenbolk. Er komt dus wérkelijk weer een leuke tijd aan.



De wekker op mijn mobiel is onverbiddelijk: Zes uur wakker worden. Opstaan voor de laatste dag fileerdemonstraties op de VISMA. De eerste twee dagen waren geweldig druk en heel erg leuk. Als om kwart voor zeven de koffie pruttelt, staan Reier, Dirkjan en Dolf al op de stoep. Zo word ik elke dag geholpen door een groepje visvrienden Wat voel ik me bevoorrecht met zulke kanjers om me heen. Niet alleen vrienden waarmee ik graag en vaak vis, maar ook heel erg betrokken bij het wel en wee van Visling.


Ik heb het net even nagekeken en toen geconstateerd dat mijn laatste blog dateert van 27 januari 2017. Een echte blogger zou geen gat laten vallen, maar een zeevisblogger zoals ik ontkomt daar gewoon niet aan. Ik blog vanuit mijn ervaringen en in de maanden januari, februari en zelfs een stukje maart is de watertemperatuur dusdanig laag dat het vangen van een vis knap lastig is.



Vorig jaar in de zomer zag ik op soortenjagers.nl een in Nederland gevangen pollak

(Pollachius pollachius) voorbij komen. Weliswaar geen grote, maar dit betreft wel even een soort die wel 1,30 meter lang kan worden. In de loop der tijd heb ik de nodige foto’s gezien van prachtige in Noorwegen, Engeland en Ierland gevangen exemplaren en een dergelijke vis staat dan ook hoog op m’n verlanglijstje.