Blogger


Sjors Waterschoot

Gepassioneerd sportvisser op zowel zoet als zout

Eindhoven | Nederland

Over onze blogger

Sjors Waterschoot werd als klein kind al door zijn pa op sleeptouw  genomen met vissen. Zo  visten Senior en Junior op veel verschillende manieren en vissoorten, op zout en zoet. Samen met zijn moeder ging hij mee met het IVN  en daar werd de interesse voor de natuur alleen maar groter. In 2014 verhuisde hij naar Eindhoven, voor zijn studie toegepaste biologie op de HAS te 's-Hertogenbosch. De studie werd helaas niet afgerond, maar de interesse voor natuur en met name vissen leefde voort. Sinds een aantal jaar is hij helemaal gek van het soortenjagen. Om deze hobby uit te oefenen, reist Sjors met het openbaar vervoer door heel het land. Geen plek is te ver weg en geen visje te klein.

 

www.vissenverzamelaar.blogspot.com


https://www.soortenjagers.nl/jager.asp?jagerid=124


https://www.vangstenregistratie.nl/vissers/Sjors-Waterschoot/23338

Blog overzicht Sjors Waterschoot

We rijden weer naar dezelfde haven, waar wij eerder – zie deel 1 - al onze snotolfjes vingen. Ik leen een heel kort ijshengeltje van Seb, zodat ik makkelijker onder de kant kan vissen. Wanneer we aankomen is het meteen raak, Sebastien ziet binnen no-time een kleine slakdolf en een Yarrell’s slijmvis (Chirolophis ascanii), die laatste is een nieuwe soort voor Bart en hij hoeft niet lang te wachten tot hij hem te pakken heeft.



Vorige week eindigde ik blog deel 1 midden in een visdag. Een regenachtige dag, waarop we in een fjord vanaf de kant vissen met stukjes zalm. Pascal en Bart zijn er beiden al in geslaagd een sterrog te vangen. Maar ik nog niet…



De snotolf is één van de gaafste soorten die in onze vissengids staat en ik was er al een keer dichtbij vorige jaar in Noorwegen. Helaas moest ik uiteindelijk naar huis, nadat ik er eentje had gezien, bij een lokale visser aan de hengel. Dit was in juni, wat niet echt de beste tijd is om zo’n ‘lumpsucker’ te pakken te krijgen. Ik had dus niet hetzelfde geluk als die local, maar je raadt het al:  de volgende trip had ik alweer in gedachten…



Vandaag gaat de wekker om 7 uur. Ik sta op, trek mijn schoenen aan en wandel naar het andere huisje om koffie te zetten en naar het toilet te gaan. Dat klinkt misschien vreemd, maar ik ben in Denemarken met twee visgidsen, die ik als vrienden heb ontmoet. Leonard Muys en Ron Smits gaan regelmatig samen op visvakantie en ik mocht mij deze keer bij hen aansluiten, om het één en ander op te pikken over het vissen in Denemarken…


Vanuit het Zeevis forum Nederland op Facebook, organiseert beheerder Bob Kuiper regelmatig een evenement voor de geïnteresseerde leden. Zo wordt er soms een ‘surf casting clinic’ gegeven of op de wrakken gevist met de boot. Omdat ik deze samenhorigheid erg goed kan waarderen, schrijf ik wekelijks een kort verslagje voor Bob’s Forum, waarin ik iedere week een ander vissoort bespreek. Van het één kwam het ander en na enkele maanden bloggen, stonden we samen op een middag tussen de stenen te peuteren en vingen we allebei leuke visjes; slijmvis, zwartbekgrondel, pollak en zeedonderpad.



Die titel is natuurlijk een beetje overdreven, maar de term ‘soortenjager’ is in het leven geroepen om vissers die diversiteit waarderen een naam te geven. Maar sinds dit soortenjagen steeds meer een opzichzelfstaand ding is geworden, zijn er nogal wat materialen en methoden ontwikkeld, waarvoor je soms meer moet studeren dan vissen zelf! Soortenjagen is niet alleen maar vissen en aan dat deel van het geheel had ik eigenlijk nog nooit een blog gewijd…


In de vroege ochtend van onze vierde visdag schiet ik wakker. Vandaag is het zover! Na de soorten uit deel 2 gaan we vandaag voor de zeewolf (Anarhichas lupus)! Roman en ik gaan weer op pad, halen een belegd stokbroodje bij het tankstation en rijden dan door naar een ander fjord, iets verder naar het noorden. Omdat Pascal en Chris op deze plek al een zeewolfje scoorden zitten we goed, en dankzij de aanvullende informatie van Raphael zijn de verwachtingen hoog gespannen.


Na een paar uurtjes rusten, is het tijd voor een ontbijtje en een bak koffie. Maar daarna staat de focus weer strak op het vissen. We rijden naar een veelbelovend haventje, waar ik vorige keer ook gevist heb.  Helaas is het geen mooie dag, maar daardoor laten we ons niet kisten. In het haventje zou er voor Roman in elk geval nog een rotslipvis (Centrolabrus exoletus) te vangen moeten zijn



Nadat ik na de eerste trip naar Noorwegen weer terug in de lage landen ben, begin ik meteen na te denken. Op mijn lijst ontbreekt de zeewolf nog; de gevlekte griet hebben we niet eens geprobeerd en ik zou ook maar wat graag een snotolf aan mijn lijstje toevoegen...



Ieder jaar wanneer het na de zomer kouder wordt, slaat het weer in mijn kop... Het vangen van die zeldzame wintervissen, waar maar enkele meldingen van zijn... Begin dit jaar ving ik er eentje van, de vorskwab (Raniceps raninus). Dat is natuurlijk geweldig, maar daar wordt het lijstje met overgebleven nog te scoren soorten niet makkelijker op. Want wat te denken van snotolf (Cyclopterus lumpus), slakdolf (Liparis liparis), harnasmannetje (Agonus cataohractus) en op zoet water de kwabaal (Lota lota). 


Bovenstaande titel zal je wellicht vreemd doen opkijken, maar ik ben absoluut niet van plan om hier een vies verhaaltje te verkopen… Integendeel, dit blog gaat over twee Amerikaanse zout/brakwatervissoorten, die waarschijnlijk via ballastwater van oceaanschepen in ons water terecht zijn gekomen. Als die verklaring voor hun plotselinge opduiken correct is, zal het geen toeval zijn dat deze beide exotische vissoorten tot dusverre het vaakst gesignaleerd zijn op een en dezelfde plek: het Noordzeekanaal tussen IJmuiden en Amsterdam.



< VORIGE1234