Soortenjager: onderzoeker, bioloog, ichtyoloog en elektriciën…

22 maart 2019 | Sjors Waterschoot

Sjors Waterschoot

Gepassioneerd sportvisser op zowel zoet als zout en als soortenjager altijd op zoek naar een nieuwe vissoort op zijn voortdurend groeiende lijst.

Die titel is natuurlijk een beetje overdreven, maar de term ‘soortenjager’ is in het leven geroepen om vissers die diversiteit waarderen een naam te geven. Maar sinds dit soortenjagen steeds meer een opzichzelfstaand ding is geworden, zijn er nogal wat materialen en methoden ontwikkeld, waarvoor je soms meer moet studeren dan vissen zelf! Soortenjagen is niet alleen maar vissen en aan dat deel van het geheel had ik eigenlijk nog nooit een blog gewijd…

 

Licht in de duisternis. Hier met een dikkopje (Pomatoschistus minutus)...

 

De reden dat ik dit verslag juist nu maak, is omdat ik het laatste half jaar misschien wel het minste gevist heb van al mijn jaren als soortenjager. Aan de andere kant is dit misschien wel de periode waarin ik het meeste geleerd heb! Zo ben ik me bijvoorbeeld steeds verder in determinatie kenmerken van kleine grondeltjes aan het verdiepen, en worden bijvoorbeeld de materialen voor nachtvissen met de lamp steeds uitgebreider en hopelijk effectiever. Een voorbeeld van dat laatste is mijn gepersonaliseerde hoofdlamp.

 

Wanneer je gaat googlen naar het ‘zicht van vissen’, kom je er al snel achter dat er in de aquariumhandel tal van trucjes zijn om in te spelen op wat een vis ziet en welk licht geschikt is om ze op hun gemak te stellen. Er zijn bijvoorbeeld nachtelijk actieve vissen die zich met normale belichting altijd schuil zullen houden. Gebruik je echter een dieprode lamp, dan zullen dezelfde vissen wel opeens tevoorschijn komen!

 

 

Het niet-vissen deel van de hobby!

 

Daar zit natuurlijk een stukje natuurkunde achter. De kleur van licht wordt bepaald door trillingen, en deze trillingen kunnen in nanometers uitgedrukt worden. Zo is 600NM rood en 450NM blauw licht, zie ook de bijgaande afbeelding. Ieder type oog wat er bestaat is in principe gemaakt om bepaalde bandbreedtes van licht op te vangen. Die bandbreedte is eigenlijk het bereik van het oog, bij mensen is dit bereik in verhouding tot de meeste dieren erg groot (10-730NM).

 

Bij de meeste vissen is het bereik een stukje kleiner en eindigt het zicht bij zo’n 650NM, wat dus wil zeggen dat die dieprode lamp in het aquarium voor de vissen niet of nauwelijks zichtbaar is! (Deze aanname is gebaseerd op het zicht van zalmen die teruggekeerd zijn naar het zoete water voor de paai).

Dat gegeven zette mij aan het denken, en in samenwerking met mijn niet-vissende collega Martijn Damen, kwam er uiteindelijk een plan voor een speciale hoofdlamp. Dankzij hem werd het idee werkelijkheid. We bestelden een lamp om aan te passen en de juiste onderdelen ervoor. Door de LED-lampjes te vervangen, kabels te knippen en er een kastje met wat knopjes tussen te zetten, is de nieuwe lamp geboren!

 

 

Speuren naar visjes...

 

En die zitten er ook!

 

 

 

Om heel eerlijk te zijn, heb ik deze lamp al bijna een jaar in mijn bezit. Met deze lamp heb ik dan ook al de nodige soorten gevangen. Of dat rode licht nu echt verschil maakt? Soms wel en soms niet, dat is eigenlijk mijn conclusie. Het is lastig te zeggen, maar om het een beetje toe te lichten zal ik enkele momenten beschrijven…

 

Visdag 1: een dagje zeevissen met Jeffrey Kamphuis in november. Na een leuke sessie tussen de pieren van IJmuiden, met twee nieuwe soorten voor Jeffreys’ lijst, besluiten we om nog eventjes een tussenstop aan het Noordzeekanaal te maken. Daar ga ik met mijn lamp en mijn waadpak te werk. Alle visjes die ik spot zijn voor Jeffrey. Maar er is vrij weinig leven te zien en wat er zwemt schrikt en schiet ontzettend snel weg. Jeffrey heeft ondertussen een feeder uitgegooid met wat stukjes zager. Na het geklungel met de lamp en niks te vangen, willen we vertrekken. Bij het ophalen hangt er een botje aan de statische hengel! Weer een nieuw soortje voor Jeffrey, en 0-1 voor de lamp.

 

 

Een eerste botje voor Jeffrey...

 

Visdag 2: tijdens een vissessie overdag in januari, zag ik op de landtong in Rozenburg iets verdachts. Het was tijdens het ‘stenen keren’, waarbij je in ondiep water of in getijdenpoeltjes, de losliggende stenen optilt om te zien of er misschien visjes onder verstopt zitten. Op die dag meen ik een harnasmannetje gezien te hebben, en dus ga ik er een week later terug, samen met vismaat Dirk Temmink. Bij aankomst op de plek is het nog licht en dus hebben we geen lampen nodig. De plek zit zoals altijd vol met grondeltjes en die weten we dan ook al snel te arresteren. Wanneer het ’s avonds donker wordt wil ik mijn hoofdlamp pakken, maar dan kom ik er achter dat deze nog thuis ligt. Argh! Als noodoplossing vis ik met de zaklamp van mijn telefoon. Dat gaat wonderbaarlijk genoeg erg goed bij de grondeltjes, maar we vinden helaas geen visjes uit een andere familie, om het beter te kunnen testen. Maakt het dan echt geen donder uit?

 

 

Owner en Gamakatsu haakjes...

 

Visdag 3: terug naar Noorwegen afgelopen augustus. Ik loop met Sebastien over de kade. Hij heeft een felle witte lamp en ik mijn dieprode. Hij spot de vis met zijn lamp en doet die dan meteen uit, waardoor ik met het minder opvallende rode licht over kan gaan op vangen. Binnen het kwartier heb ik mijn twee targetsoorten binnen en dat ligt voor een groot deel aan Seb, maar de lamp heeft ook zeker geholpen! Later in onze vissessie zien we echt duidelijk dat de gevlekte griet sterk op het witte licht reageert, maar in het rode licht is dat een heel stuk minder! Toch een pluspuntje voor de lamp!

 

 

En dit is de lamp. Hier met wit licht...

 

En gedimd rood licht...

 

 

Feller rood...

 

En op zijn felst!

En een bermpje...

 

Visdag 4 en 5: deze twee sessies waren vorig jaar. Tijdens de ‘Battle of the species’ voelde ik me als herboren! Alle soorten die ik al heb, tellen opeens weer mee als punten! De twee visdagen waar ik op doel, waren op zoet water. Een sessie in de buurt van Nuenen, voor de kleine modderkruiper (Cobitis taenia). De tweede in Eindhoven, voor het bermpje (Barbatulus barbatulus). Beide plekjes zijn vrij ondiep en daardoor is een lamp al snel te fel. Ik weet niet of het rode licht of de dimmer hier de truc deed, maar ik ving beide soortjes met een uurtje vissen!

 

Op basis van deze ervaringen is mijn conclusie dus als volgt; mijn lamp werkt, het profijt wat je er van hebt hangt wel heel erg af van de situatie. Factoren hierin zijn: wind, waterdiepte, helderheid, reflectie en de targetvis. Eigenlijk is een hoofdlamp voor het ‘op zicht’ te vissen, vergelijkbaar met een hengel, voor iedere situatie is er een perfecte uitkomst. De dimmer is misschien wel de grootste toevoeging aan de lamp, omdat deze het bereik van passende situaties voor je lamp vergroot.

 

 

Kleine modderkruiper...

 

 


Reactie plaatsen

 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.