Drie dagen Cornwall: spaghetti-hengels, harders & Rock Goby (deel 2)

28 januari 2019 | Berend Masselink

Ik eindigde deel 1 met de verzuchting dat je in Cornwall buiten het hoogseizoen niet makkelijk aan zeepieren, zagers en ander vers aas kunt komen. Ben je meer van het kunstaas, dan is dit misschien geen ramp, maar het scheelt waarschijnlijk wel de helft in vangsten. Gelukkig is er om de hoek een Spar supermarkt waar ze bacon verkopen…

 

We ontdekken een sprookje van een havenplaats, Mevagissey genaamd…

 

Na het bezoek aan Pendennis Head struinen we eens langs de kades van onze tijdelijke woonplaats Falmouth. Het is er erg gezellig en we moeten ons inhouden om niet telkens met onze hengels in de hand een kroegje of een fish & chips zaak in te duiken. Op de pier die niet ver van ons huis ligt, proberen we wat kleinere vissoorten te vangen aan onze LRF uitrusting. Beter gezegd: ónder de pier, want dankzij de trappen die naar de waterspiegel leiden (bedoeld voor het in- en uitstappen van de ferries naar de overkant) staan we lekker dicht op het water en zien we ook het beste wanneer er makreel of zeebaars jaagt en als er een harder langszwemt.

 

 

Een nachtelijke bezoeker, het is een paganelgrondel - Rock Goby. herkenbaar aan een oranje randje aan de voorste rugvin...

 

 

Vanuit ons tijdelijke huis 'upon the hill' kunnen we onze stekken in de baai in de gaten houden...

 

Ik krijgt een kleine ééndelige Daiwa 0,8 tot 3,5 grams Procyon hengel te leen die meer wegheeft van een 210 cm lange sliert spaghetti dan van een vishengel, maar voor LRF begrippen is dat niet uitzonderlijk begrijp ik. Met gezonde twijfel zet ik er dus een molentje op. Light Rock Fishing here I come…

 

 

Leve de Isome kunstpiertjes van Marukyu...

 

 

Snoekbaarsfluisteraar Gwyll met een sterk gevlekt lipvisje...

 

Over spaghetti gesproken: het kunstaas dat we inzetten aan de simpele montages, bestaat uit kleine worm- en zager-imitaties. Berkley heeft zulke look-a-likes in het assortiment, maar deze zijn van Marukyu; de Isome. De 11 cm grote geflavourde sandworms kun je in zijn geheel op de haak prikken, maar kleine stukjes voor kleine visjes en dito haakjes werken ook prima. We vissen met kleine Ecogear loodkopjes rond de 2 gram; met dropshot-onderlijntjes en met splitshot-aanbiedingen, waarbij je 10 cm voor de haak een licht knijploodje op de lijn zet.

 

 

Kleine visjes, zelfs aan kleine loodkopjes...in dit geval een Sand Goby (dikkopje).

 

Die twee laatste aanbiedingen zijn bovendien gewichtloos en worden beter naar binnen gezogen. Daar komen de eerste grondels al binnen. De determineerlessen kunnen beginnen, want wat voor grondels zijn het eigenlijk? En zoals mijn Engelse maten ze benoemen met Sand Goby, Black Goby en Rock Goby; hoe heten ze dan in het Nederlands? Enfin; even de smartphone erbij en al gauw blijkt dat we dikkopje, zwarte grondel en paganelgrondel van ons beginners-lijstje kunnen afvinken.

 

 

Wat zijn ze toch mooi, die Corkwings...

 

Hoewel er ook geregeld een Corkwing wrasse (zwartooglipvis), pollakje en de onvermijdelijke zeedonderpad tussendoor komt, houden we natuurlijk met een schuin oog de omgeving in de gaten op jagende roofvis. Heel af en toe komt er een cruisende harder voorbij  op anderhalve meter in het heldere water, maar enige belangstelling voor het kunstaas heeft deze niet. Bij de Spar haal ik een witbrood en begin deze lekker te soppen en te kneden in de hoop een mooi voerspoor te maken om de harders op de plek te houden. Gwyll staat naast me en prikt alvast een broodkorstje aan zijn 1,8 grams jigkopje met Isome wormpje nog voordat ik zelf de hengel ter hand heb kunnen nemen. Beiden zien we ineens vanuit onze ooghoeken een vis recht op de trio cocktail afstevenen en voor we het weten ontploft het water en staat mijn Engelse maat een supersterke harder te drillen aan zijn fragiele LRF hengeltje. WTF!

 

 

Wat gebeurt er nu???

 

Oude tijden van Jan Schreiner herleven want een van de sterkste vissoorten aan een elastieken hengel drillen is geenszins meer van deze tijd. En dat blijkt. De vis laat Gwyll alle hoeken van de steiger zien en het kost grote moeite en vaardigheid om de mullet überhaupt binnen het rechthoek van het betonnen skelet onder de pier te houden.

 

Alsof dit scenario nog niet uniek genoeg is, wordt plotseling vanuit de hemel alle regie door regisseur Alfred Hitchcock overgenomen en duikt er naast de harder een aalscholver op en probeert de vis te grijpen! De film krijgt nu een nieuwe dimensie, want de harder laat zich dit niet overkomen en duikt weer diep weg, achterna gezwommen door de snelle brutale cormorant, die zich niets aantrekt van de twee vissers op de betonnen trap, vier meter boven zijn hoofd. Dit spannende drie-in-één gevecht duurt een volle minuut totdat de aalscholver het zinloze van het kat-en-muisspel inziet en afdruipt, wetend dat de harder eigenlijk toch te groot was voor een makkelijke hap. Nu we ons op de prachtige harder kunnen concentreren, die zichtbaar moe is geworden van het vluchten aan de elastieken hengel, volgt er nog een staaltje acrobatiek om de hengel onder de betonnen rechthoek door te geven om de vis onderaan de trap te kunnen landen (waar is een schepnet als je hem nodig hebt?). Maar dan kunnen we eindelijk de euforie van deze zuur verdiende vangst botvieren en de vis op de foto zetten. Kunnen we dit eigenlijk nog Light Rock Fishing noemen?

 

 

Een vangst met blood, sweat & tears...

 

De avonturen onder de pier houden nog niet op, en telkens zoeken we even een uurtje vrije tijd om wat LRF pogingen te ondernemen. Ook ’s nachts, wanneer we een keer tot na 01.00 uur nog wat LRF vissen onder de pier vandaan trekken, bijgestaan door onze Petzl hoofdlampjes, en gadegeslagen door wat aangeschoten jongeren en vriendelijke dakloze toeschouwers nog wat grondels, blennies en makreeltjes aan de lijst kunnen toevoegen. De volgende dag raken we steeds vaker in gesprek met toeristen en dagjesmensen op de pier die nieuwgierig zijn naar onze bezigheden, die ook de locals beginnen op te vallen.

 

 

Toeristen op de Prince of Wales pier. Voor ons gebeurt het allemaal ónder de pier...

 

 

James heeft weer een zeedonderpad te pakken...

 

 

En hup, de horsmakreel kan ook van de lijst...

 

Tijdens zo’n gesprek raakt James vast aan de bodem en wanneer er een klein beetje beweging in de lijn komt, trekt hij een obstakel naar de onderkant van de trap. We zien een modderige plank, die door Gwyll voorzichtig uit het water wordt getrokken om de lijn niet te breken, die eenmaal boven water een skateboard blijkt te zijn. Alsof dit nog niet uniek genoeg is, plukt hij van de plank een klein platvisje dat erop geplakt zit: een topknot! Met verbazing bekijken we het fraaie gevlekte visje op de open hand van Gwyll. De grappige miniscule ‘gevlekte griet’ (Zeugopterus punctatus) hapt naar adem en dwarrelt terug naar de bodem als hij teruggezet wordt. We hebben de soort niet op onze LRF lijst bijgeschreven, maar beseffen ons wel dat we waarschijnlijk de enige stervelingen ter wereld waren die slaagden in de ‘topknots on skateboards’ zoektocht…

 

 

Topknots on skateboards...een jonge gevlekte griet op de hand van Gwyll...

 

Onze Light Rock Fishing escapades wisselen we af met ander leuk werk. Nick kent nog twee andere stekken die de moeite van het reizen waard zijn.  Eén ervan leidt ons door een ‘Cornish jungle’ van bossen en smalle diepe weggetjes met overstekende eekhoorns – waar je beter geen tegenliggers kunt tegenkomen – naar een afgelegen baai in de monding van de Helford Passage.

Maar daarover meer in deel 3...

 

 

Cornish to the core...de echte fish & chips met erwtenpuree bij Rick Stein in Falmouth en een biertje uit de Korev brouwerij van St. Austell

 


Reactie plaatsen

 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.