Liefde voor een pilkertje | Oude doos

15 november 2017 | John Willems

Soms pak je puur bij toeval een onderlijntje, een stel glimmende kralen of een kunstaasje uit je viskist dat je ineens doet vangen, terwijl je vismaten compleet stilvallen. En in dat toeval schuilt dan het verschil tussen lekker vangen of een dikke nul, zoals John Willems uit eigen ervaring weet.

 

Het windje is zuidoost en het opkomende tij zit bijna tegen kenteren aan. Weinig stroming dus en meestal is er dan tijd om de boterhammetjes op te eten. Ook tijd om de blote armen, nek en het vissershoofd in te smeren met factor 30, want verbranden gaat snel met dit mooie weer. Zeker op zee. Vismaat Cor kan zo te zien ook beter gaan smeren, want de wangetjes worden al aardig rood. En de andere vismaat, Ben, heeft zich gehuld in een wolk van kokos. Kennelijk heeft hij de fles zonnebrand al eerder gevonden… Op deze lome zomerse middag hebben we al een mooi klusje gul gevangen, maar met het afnemen van de stroming nemen de aanbeten ook af.

 

Langzaam kauwend op mijn broodje gerookte zalm denk ik aan het laatste visavontuur in het Noorse Vevang. Reier Groot leerde mij daar het kunstje om op dergelijke stille momenten toch nog vis te vangen. Daar ben ik voor het eerst met een beaasd pilkertje gaan vissen. Heel simpel. Dreg eraf. Kort haaklijntje er boven en een haaklijn aan een wartel er onder. Aan beide haaklijntjes komt een Gamakatsu haak F314 nr. 2 of 1. In Noorwegen gebruikte ik als aas gepelde gekookte garnalen, reepjes vette vis (makreel), of zoute pieren.

 

Deze bijdrage werd eerder gepubliceerd in uitgave no. 348 van ons papieren Zeehengelsport magazine.

 


Dansen

De truc is om het pilkertje precies de bodem te laten raken. Je kunt dan de hengel gewoon op de rand van boord leggen, want de beweging van de golven geven het pilkertje daar ver onder water een verleidelijk dansende actie en veroorzaken daarbij ook stofwolkjes, als de bodem herhaaldelijk wordt aangetikt. Zo vissen lijkt een mix van technieken zoals het van ‘het zoete’ bekende verticalen, zoals ik dat veel op snoekbaars pleeg te doen en het gebruik van de Iwan Garray botlepel. Alleen dan met de hengel in de hand natuurlijk. Op deze wijze ving ik in Vevang veel vis en leuke soorten als heilbot(jes), schar, schol, kabeljauw, schelvis, wijting, poon etc.
Het leukste zijn wat mij betreft echter nog de spectaculaire aanbeten, omdat je recht onder je top vist en het plezier van de dril met licht materiaal. Van belang is wel dat de slip heel goed staat afgesteld. Vooral een heilbot maakt meteen een flinke run.

 

Stompen

Terug in de felle Hollandse zon bedenk ik me dat het pilkertje gewoon in mijn onderlijnenmap zit. Eens kijken wat deze viswijze hier oplevert. Voor de zekerheid haal ik de onderste haak eraf om vastzitten in het wrak zoveel mogelijk te voorkomen. Beaasd met een cocktail van een pier en halve mesheft laat ik de boel zakken tot op het wrak. Een klein golfje moet zorgen dat het pilkertje met subtiele bewegingen haar werk doet. De geur van de wat belegen mesheft zal zeker helpen. Het werkt, want binnen no time zie ik forse rammen op de top. Wat is het toch heerlijk om het harde stompen van een mooie gul te voelen op licht materiaal. De hoofdlijn is van 12/00 gevlochten lijn en de onderlijn en haaklijn zijn uit Vanish Transition fluorocarbon, met een trekkracht van 12,3 kg. Je merkt het al: Ik geloof niet in lichte haaklijnen, maar juist in de wat stuggere soorten. Deze haaklijnen houden het aas van de hoofdlijn weg zonder gebruik van afhouders, die niet alleen snel vastraken in het wrak, maar ook het verleidelijke dansje in de weg zitten. Het pilkertje is trouwens zeegroen van kleur en weegt 80 gram.

 

'Een klein golfje moet zorgen dat het pilkertje met subtiele bewegingen haar werk doet'

 

 

'Toegegeven: bij een steviger tij moet je gaan vissen met een zwaardere pilker...'

 

Uptide

Voor alle zekerheid schep ik de mooie gul, die minstens 60 cm lang blijkt. Snel weer een piertje en mesheft er op. Niet lang daarna staat de hengel weer krom en zijn Cor en Ben ineens erg geïnteresseerd in mijn viswijze. “Oh, stiekemerd!”, is hun eerste reactie. Tweede reactie is om met een nog roder hoofd te gaan zoeken in hun viskoffers… Tot op dat moment dacht ik dat dat deze wijze van vangen alleen mogelijk zou zijn bij een zwakke stroming.

Toegegeven: bij een steviger tij moet je gaan vissen met een zwaardere pilker en lijkt de actie minder aantrekkelijk, maar ondanks de stroming, die nu toch wat aantrekt, blijf ik stug doorvissen met het 80 grams exemplaar. Ik werp dan een meter of tien uptide en draai direct de bocht uit de lijn, als het wrak wordt aangetikt. Naarmate dat de stroming het pilkertje op pikt, geef ik meer lijn, zodat het contact met het wrak, of slijtgeul blijft. Hierdoor blijft de actie verleidelijk. Op deze wijze vis ik niet recht onder de top, maar meer diagonaal. Het is een ‘nemend’ wrak. Het pilkertje loopt soms even vast, maar doordat ik slechts met één haak vis lukt het steeds weer om heelhuids en gelukkig vaak met vis boven te komen. Wat heb ik nu veel plezier van het reeltje dat ik enige tijd terug van Frits Kromhout van de Meer heb over genomen. De Abu GARCIA RVO3 ins werkt gevoelig, maar heeft een dermate hoge inhaalsnelheid dat de eerste cruciale meters boven het wrak snel zijn ingedraaid. 

 

Facebook

 

Het bleek uiteindelijk te gaan om deze Nordic Herring van Svendsen Sport die niet meer in de handel is. Er is echter een enorm aanbod aan sterk gelijkende pilkertjes van diverse fabrikanten. Het hier zo enthousiast door John beschreven pilkertje had dermate lang ongebruikt en opgemerkt in zijn viskist gelegen, dat John eigenlijk geen idee had hoe hij er was aan gekomen en om welk ‘merk en/of model’ het nu precies ging.Na ontvangst van zijn kopij ging de redactie aan de hand van de aangeleverde foto’s op onderzoek uit. Dat leverde wel een idee op, maar geen ‘zekerheidje’… Aanleiding dus om de foto’s op Facebook te plaatsen en de op dat medium actieve zoute visvrienden te vragen of zij wellicht een idee hadden. Dat inzetten van social media leidt altijd weer tot de nodige respons en er ontspon zich een breed uitwaaierende discussie, waarin pilkertjes van alle soorten en maten werden genoemd, vele daarvan met een Scandinavische herkomst. Denk bijvoorbeeld aan Jensens Sildesluker, de Sildeglimmt van Kinetic, de Cormoran Baltic star, de Pearl Select en natuurlijk die aloude Stingsilda van Solvkroken.


Ook de Nordic Herring werd genoemd, een naam die diverse fabrikanten hebben gebruikt, waaronder Storm. Inmiddels is gebleken dat het door John bedoelde specifieke pilkertje destijds werd geleverd door Svensen Sport en ook al onder die naam Nordic Herring. Dit model blijkt echter niet meer leverbaar, maar met een beetje zoeken langs de kust in gespecialiseerde zeeviszaken is het wellicht nog wel ergens te vinden. John trof deze Nordic Herring versie bij Rik Hengelsport in Beverwijk en het spreekt vanzelf dat hij meteen maar een voorraadje heeft opgekocht. Immers: beter MEE verlegen dan OM verlegen…

Regelmatig staan ook de hengels van Cor en Ben krom. Mooie gezonde gullen vullen de koelbox en al snel zitten we aan de bag limit. Dat betekent dat we vanaf nu strikt Catch & Release vissen, want we willen nog even genieten van het drillen van de grote hoeveelheid dikkoppen met sikje, die nu het wrak bevolken. Het mooie is dat de haak, met deze viswijze, altijd vooraan in de bek zit. De vis ligt dan ook binnen no time weer in zijn zilte element.

 

 

Schar

Enthousiast geworden door het succes met het pilkertje op de gul besluit ik het stukje metaal opnieuw weer in te zetten, maar nu op schar. Het onderste haaklijntje wordt weer in ere hersteld. Wel vervang ik de grote haak door de kleinere Gamakatsu F31 nr. 8. Deze loeischerpe haken zorgen er echt voor dat de meeste aanbeten worden verzilverd. Een Ugly Stik Custom Graphite van drie meter lengte met een werpgewicht van 30-60 gram maakt de boel compleet. Beide haken beaas ik met een klein piertje. Dit schuif ik zo ver op de haak en haaklijn dat de haakpunt geheel vrij blijft. Al snel tikt het pilkertje weer, als vanouds de zanderige bodem aan. Ondertussen monteer ik aan een Dyno Force Seabass van 2,90 meter een traditionele onderlijn van rode bezemdraad afhouders, rode amnesia haaklijn en dezelfde Gamkatsu F31 nr. 8 haken.

 

Waarom ik vanuit de boot met zulke lange hengels vis? Ik vind het gevoeliger vissen. Bovendien kan ik de vis beter sturen. Zeker met de kans op grove vis bij een wrak is dat handig. Het is wel opletten dat je het tillen van de vis niet met je top doet. Zelf pak ik steeds de onderlijn en til de vis binnen boord, of schep de grotere vis. Nog voordat ik de tweede hengel heb ingegooid, vertoont de gevoelige top van de Ugly Stik al driftige tikken. Eerste inworp en meteen al twee mooie scharren. Maar geloof het of niet: beduidend meer scharren en vaak ook van een groter formaat vang ik vandaag aan het pilkertje! De tweede inworp levert een kneiter van een bot op. Denk er om dat een bot op licht materiaal een tegenstander van formaat blijkt. Zeker als je zo’n grote platte niet direct naar de boot dirigeert, maar hem/haar de kans geeft om weer terug te zwemmen naar de bodem. Vaak dwars door de slip heen. Wat zijn ze dan sterk.

 

 

Seascharsalade

Halverwege de dag besluiten we om het wrak te verlaten en ondieper te gaan vissen op schar. Alle drie kunnen we dat platvisje namelijk erg waarderen op het menu. Mijn favoriete recept met schar is dat van de ‘Seascharsalade’. Dit recept was te lezen als Panvisser in Zeehengelsport nr. 340 en zal later ook digitaal terug te vinden zijn op www.zeehengelsport.nl onder de rubriek Nieuws - ‘Uit de Oude Doos’.

 

 

'Het is wel opletten dat je het tillen van de vis niet met je top doet…'

 

Verslavend!

Vanaf dat moment zet ik het pilkertje in op elke stek en raken medevissers (zeker de jeugdige) enthousiast door deze viswijze. Met liefde voor het pilkertje leer ik het hen, maar ook geoefende vissers raken er aan verslingerd. Tijdens de snertwedstrijd van “t Kuitje” was ik de gast van Dolf Rijs op zijn boot genaamd: De Knarr (oud woord voor Vikingschip). Voor het carillon liggen steentjes en het pilkertje zorgde daar voor wijting, maar vooral veel scholenbaars. Regelmatig met twee tegelijk. Je begrijpt het al: Dolf is nu ook verslaafd. Wat er inmiddels allemaal al mee werd gevangen vanuit onze boot? Wat dacht je van wijting, zeebaars, puitaal, driedradige meun, kabeljauw, makreel, horsmakreel, steenbolk, bot en schar natuurlijk. Dit jaar ga ik voor rode poon, koolvis, en schol. Maar wel met een andere pilker.
Door het vele gebruik is het pilkertje namelijk niet helemaal groen meer. Op de uiteinden zelfs kaal. Ze mag met pensioen. Terugdenkend aan haar verleidelijk dansen en alle vis die ik ermee heb gevangen, zal ik liefdevol voor een ereplaatsje in mijn werkkamer zorgen. Maar dankzij al die meelevende visvrienden op Facebook (zie kadertekst) heb ik inmiddels een vers voorraadje kunnen aanschaffen. Je kunt immers maar beter niet zónder komen te zitten…

 

John Willems

 

 


Reactie plaatsen

 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.